Recensie: Rosita Manuguerra – De zee zal me troosten
Met De zee zal me troosten brengt Rosita Manuguerra een debuutroman waarin de verscheurdheid tussen blijven en vertrekken als thema door het boek loopt. De oorspronkelijke Italiaanse titel, Malanima, is een door de auteur bedachte term die de zielepijn verwoordt van eilandbewoners die zich gedwongen zien te kiezen tussen hun geboortegrond en een bestaan elders – een mengeling van schuldgevoel, heimwee en innerlijke verdeeldheid. Die rijke betekenis laat zich nauwelijks in één Nederlands woord vangen. Dat zij in de vertaling verloren is gegaan, is daarom jammer, maar tegelijk begrijpelijk.
Het verhaal speelt zich af op Favignana, een klein eiland voor de westkust van Sicilië. Hoofdpersoon Mia groeit op met de overtuiging dat iedere eilandbewoner vroeg of laat moet kiezen tussen blijven en vertrekken. Wanneer de stadse Marina op het eiland komt wonen, komt Mia’s vertrouwde wereld in beweging. Hun vriendschap en de geschiedenis van hun ouders dwingen haar na te denken over afkomst, loyaliteit en de prijs van iedere keuze.
De roman beweegt zich op het snijvlak van literatuur en streekroman: het eiland en zijn tradities vormen meer dan alleen het decor. Tegelijk heeft het verhaal trekken van een youngadultroman. De hoofdpersonages zijn ongeveer dertien jaar oud en de gebeurtenissen worden grotendeels vanuit hun belevingswereld verteld, waardoor hun gedachten, emoties en conflicten een jeugdige, soms kinderlijke kleur behouden. Zoals in menige streekromans is de overstap van dorp naar stad aan het einde van de lagere school de einddrempel. De roman neigt het meest naar literatuur in de passages waarin Manuguerra het eilandleven tot leven wekt, zoals in de beschrijving van de visserskeet:
Marina en ik bleven in de deuropening staan, ten eerste omdat niemand ons had uitgenodigd, maar ook een beetje omdat er bijna altijd aan het tafeltje midden in de keet andere vissers zaten, sommigen nog in hun werktenu – waterdichte werkoverall en grote visserslaarzen –, anderen in hun dikke jassen en landkleren. Soms hadden ze ook nog een pet met klep op. Ze zaten er te kaarten en netten te boeten, en dronken wijn totdat het weer tijd werd om de zee op te gaan.
Wat in de roman als geheel opvalt, is het beperkte gebruik van zintuiglijke beschrijvingen. Geluiden, geuren, smaken en tastbare indrukken blijven grotendeels onbeschreven. De nadruk ligt vooral op de innerlijke beleving van het hoofdpersonage: haar gevoelens, twijfels en gedachten krijgen veel meer aandacht dan de fysieke ervaring. Daardoor blijft de omgeving op afstand van de lezer.
Uiteindelijk is De zee zal me troosten vooral een boek waarin charmante tradities en het eilandleven alle ruimte krijgen. De roman neemt de lezer mee naar een wereld van familiebanden en gebruiken die verbonden zijn met de plek waar het verhaal zich afspeelt. Daarmee leent het boek zich bij uitstek als zomerboek.
Rosanna Del Negro
Rosita Manuguerra – De zee zal me troosten. Vertaald uit het Italiaans door Hilda Schraa. Meulenhoff, Amsterdam. 253 blz. € 22,99.
