Recensie: John Banville – Venetiaanse vespers
Schimmen in de mist van Venetië
John Banville (Wexford, Ierland 1945) gaat gestaag door met het uitbreiden van zijn toch al grote romanoeuvre. In 2025 voegde hij daar Venetiaanse vespers aan toe, nu in vertaling (van Arie Storm) verschenen bij Querido.
De titel Venetiaanse vespers zegt het al: de handeling is gesitueerd in Venetië. Het Venetië van winter 1899 om precies te zijn, waar Evelyn Dolman en Laura Dolman-Rensselaer in een koud en tochtig palazzo neerstrijken voor verlate wittebroodsweken. De gebeurtenissen worden verteld, zoals beleefd door Evelyn Dolman. Hij is een broodschrijver die dacht met dit huwelijk de hoofdprijs in de wacht te hebben gesleept: Laura Rensselaer is de dochter en erfgenaam van een schatrijke Amerikaan. Helaas blijkt hij Laura na een heftig conflict te hebben onterfd; als pleister op de wonde heeft hij Dolman aangeboden als zijn biograaf op te treden, naar Dolman hoopt goed gehonoreerd.
Dolman is niet bepaald een personage met wie de lezer zich zal (willen) identificeren. Hij is even zelfingenomen als kortzichtig en ervan overtuigd dat hij de wereld is zoals hij ‘m ervaart en begrijpt.
De eerste avond van zijn verblijf in Venetië steekt hij aan bij een café, hem aangeraden door zijn vrouw, die zelf in hun kamer blijft. In dat café wordt hij herkend door een andere Engelsman, die op dezelfde kostschool zat als hij en nu met zijn tweelingzuster in Venetië. Dolman herinnert zich hem niet, maar enkele vleiende opmerkingen van de man en flirtende blikken van de beeldschone vrouw zijn genoeg om hem tot het veinzen van herkenning te brengen. Waarna ze een nachtelijk bacchanaal aanrichten.
Venetië in de winter is een stad van mist, zo dik dat je geen hand voor ogen ziet en die vreemdelingen permanent doet verdwalen in het web van nauwe calles en smalle kades. Het is ook de stad van maskers: niemand is wie of wat hij voorgeeft te zijn. Zet in dat decor een man als Dolman en je weet: die gaat bij de neus genomen worden en als een marionet gemanipuleerd, zonder dat hij het beseft.
Banville beschrijft de gebeurtenissen zoals gezien vanuit het perspectief van Dolman, opdat de lezer lang in spanning wordt gehouden over het wat en het waarom van het complot dat Dolman ertoe aanzet zonder zich daarvan bewust te zijn precies dat te doen wat hij moet doen om het te laten slagen.
Banville is een van de beste romanciers van de laatste decennia. Hij heeft geweldige romans geschreven, die je blijft herlezen, laat ik dat vooropstellen. Maar daar hoort Venetiaanse vespers niet bij. Zijn stijl blijft superieur en alleen al daarom het is zeker geen slecht boek. Maar het behoort niet tot zijn beste werk.
Hans van der Heijde
John Banville – Venetiaanse vespers. Vertaling Arie Storm. Querido, Amsterdam. 358 blz. € 24,99.
