‘Het mysterie dat leven heet’

Alleen al voor het ontroerende verhaal ‘Grote roze vogel’ is de uitgave Herinneringen van een zeemeermin van Ineke Riem als een van de literaire juweeltjes (een reeks uitgaven om bepaalde auteurs wat meer voor het voetlicht te brengen) een heus ‘kroonjuweel’. Openhartig, luchtig, speels, maar bovenal aangrijpend beschrijft zij hoe ze afscheid moet nemen van haar zieke moeder. Het verhaal is autobiografisch, maar tegelijkertijd een ode aan de verbeeldingskracht. En dat laatste is precies wat het werk van Ineke Riem zo aantrekkelijk maakt.

Deze uitgave bevat vier verhalen, waarvan ‘Grote roze vogel’ eerder in Het Parool is verschenen, en ‘Voorbereidende aardrijkskunde’ in de verhalenbundel Onderwaterverhalen. De twee andere verhalen, ‘Tesselschade’ en ‘De leugens van Hans Christian Andersen’ schreef zij speciaal voor deze uitgave. ‘Tesselschade’ gaat over een bijzondere ontmoeting van een pubermeisje dat op haar longboard over de golven peddelt, met een walvis:

Hij draaide zich om en mijn hand gleed langs zijn keelgroeven en buik. Ik was zo dichtbij dat ik de littekens op zijn onderlichaam zag. Was dit echt? Toen schoof uit een gleuf een soort slurf naar buiten. Voor ik het wist raakte ik zijn witte pik aan. Opeens hitte in mijn kruis, overal spanning. Mijn tepels prikten tegen mijn wetsuit. Snel trok ik mijn hand terug. Gadver! Ik zwom meteen naar boven, zag de duinen in de verte, nog maar kleine zandhoopjes.

In ‘De leugens van Hans Christian Andersen’ kijkt een zeemeermin kritisch naar het sprookje van Andersen en wijst hem hier en daar terecht. Soms lijken de verhalen van Riem zelf wel op sprookjes, omdat er wonderlijke gebeurtenissen plaatsvinden, zoals de ontmoeting met de walvis in ‘Tesselschade’. Het laatste verhaal ‘Voorbereidende aardrijkskunde’ begint al met: ‘Ik ben geboren op de bodem van een zee die niet meer bestaat. In mijn atlas ligt die zee nog wel: de Zuiderzee. Die atlas is gedrukt in de jaren twintig en heeft een bruin linnen omslag met goudkleurige letters voorop.’ Het gaat over een meisje dat op de zolder van school oude boeken vindt en die meesmokkelt, zoals het boek Voorbereidende aardrijkskunde. Het zijn boeken over de oude wereld, waar ze ook wel een beetje treurig van wordt, omdat de wereld voortdurend in beweging is en zij de oude wereld het liefst wil redden: ‘Het verleden vreet aan ons als een leger houtwormen’.

En dan die ‘Grote roze vogel’, een klein verhaal over een groot verlies: ‘Ze fietste ook door chemokuren en immunotherapieën heen. Ze zei dat ze zich altijd misplaatst voelde in de wachtkamer. Al die zieke mensen, daar hoorde zij niet bij.’ En toch geneest haar moeder niet helemaal, krijgt er een spierziekte voor terug. En dan voltrekt zich een drama. Als er in de revalidatiekliniek van de oma van de ik een virusuitbraak is, raakt oma geïnfecteerd, al wordt zij er nauwelijks ziek van. Kort daarna raakt de moeder van de ik besmet en dan gaat het snel.

Riem ontroert, omdat haar eenvoudige én sprankelende taal als een verrassing precies om het leven past:

Verdriet is mooi. Is gruwelijk pijnlijk, maar óók mooi. Je beseft de volle omvang van je liefde voor iemand, je ziet overal regenbogen, je verwondert je dagelijks over het mysterie dat leven heet. Je kunt niet slapen van de kramp in je borstkas, maar opeens dommel je in en zie je in een flits je moeder naar je lachen, mooier dan je haar ooit hebt gezien.

Dietske Geerlings

Ineke Riem – Herinneringen van een zeemeermin. Literaire juweeltjes. B voor Books, Hilversum. 64 blz. € 1,99 (in de winkel, online alleen in sets van 10 te koop).

0