De onderstaande recensie van De vlindermaand gaat over een roman uit 2006.

Te veel zelfmedelijden

In De vlindermaand van Ariëlla Kornmehl gaat het om een gekrenkte ziel. Joni is arts, ze werkt in een sloppenwijkziekenhuis in Zuid-Afrika en probeert daar het hoofd te bieden aan de miserabele omstandigheden. Ook wil ze in het reine komen met haar eigen verleden: ze kan geen kinderen krijgen omdat haar moeder tijdens de zwangerschap verkeerde medicijnen tegen miskramen in nam. Ze verwijt haar moeder dat die haar dit pas veel later vertelde, ze had het eerder moeten weten, vindt ze.

Dat leek me dus ook, maar ik kreeg toch niet helemaal een vinger achter de heftigheid van de reactie van deze jonge vrouw. Ik heb daar flink over lopen tobben, zo’n vals secreet was die moeder helemaal niet, als je er even bij stilstaat. Ze nam een medicijn waarvan de slechte nawerking destijds niet bekend was, dat werd veel later duidelijk. Ze wist het pas toen het te laat was. Maar waarom haar dan toch zulke verschrikkelijk heftig verwijten maken?

Om het allemaal nog erger te maken, komt schrijfster Ariëlla Kornmehl ook nog met een harteloze arts op de proppen met wie haar heldin een relatie heeft en die haar niet begrijpt. Nog een reden om van Nederland naar Afrika te vluchten. Het zelfmedelijden van deze gekrenkte vrouw ging me langzamerhand danig op de zenuwen werken. Al dat ernstige gesomber, al die nare mensen om haar heen, met ook nog een verkeerde vader natuurlijk.

Het was nooit iets en het wordt nooit iets en daar dan op ernstige toon een roman over schrijven. Uit het leven gegrepen, weet je wel: ik ben er niet geschikt voor. En ik geef het toe, af en toe dacht ik: get a life. Maar gelukkig dacht ik dit alleen over deze romanfiguur, dus heel erg ongevoelig is het niet, in het echt denk ik het bij mensen ook wel eens, maar dan schrijf ik het niet ergens op.

De heldin begint zich overigens vanwege al haar ellende ook nog ongezellig uit te hongeren en stort zich tot overmaat van ramp in een verhouding met alweer een onjuiste arts. Tel uit je winst.

Toch waren onze gesprekken ergens goed voor geweest, eindelijk zag ik weer wat ik werkelijk was. Een wrak. Een wrak voor op de grote schroothoop in Soweto.

Ik had al na een bladzijde of vijftig helemaal geen zin meer om door te lezen, al die dodelijke ernst en dat platte realisme.

Ik las door omdat in deze roman ook de Zuid-Afrikaanse werkster Zanela een rol speelt. Die houdt de boel overeind. Wat een mooi, intrigerend figuur maakte Kornmehl hiervan! Met leuke praatjes, gekke invallen, rare typeringen. Ze is huishoudster van onze neurotische klaagster, werkt als tegenwicht, doet ook niet echt haar best alles van die rare witte vrouw te snappen, gelukkig maar, en geeft ondertussen een mooi inkijkje in de problemen van een zwarte sloppenwijk.

Verdorie, waarom heeft Kornmehl deze figuur niet verder uitgewerkt? Wanneer het om Zanela gaat, blijkt zij ineens wel interessante literatuur te kunnen maken. Ze laat zien hoe die vrouw handelt en praat en overlaadt ons bij haar niet met allerlei dof makende uitleggerij. Waarom heeft Kornmehl niet een roman alleen over haar geschreven? Ze had het wel gekund, ik weet het zeker. Soms begrijp ik niets van schrijvers.

Kees ’t Hart

Ariëlla Kornmehl – De vlindermaand. Cossee, Amsterdam. 188 blz.

Deze recensie verscheen voor het eerst in de Leeuwarder Courant op 6 januari 2006.