Nieuws: Marjoleine de Vos en Marja Pruis over Adriaan van Dis en Christien Brinkgreve – ‘Smakeloos’ en ‘quasi-openhartig’
Een dubbelinterview afgelopen week in de NRC met Marjoleine de Vos en Marja Pruis. De twee hebben beiden recentelijk een boek geschreven over een overleden familielid (respectievelijk Ik ben hier liever niet alleen en Zonnehuis), waardoor het gesprek vanzelfsprekend op memoires komt. Als eerste is Alles voor de reis van Adriaan van Dis aan de beurt, dat door hemzelf een roman genoemd wordt:
Marja: ‘(…) Ik dacht: gaat hij niet een grens over? Niet zozeer tegenover Wim T. Schippers, maar tegenover háár. Het was heel duidelijk dat zij deze verhouding nooit op deze manier in de openbaarheid wilde. Het had ook iets triomfantelijks: ze hield het meest van mij. Een beetje wat Renate Rubinstein deed na de dood van Simon Carmiggelt.’
Marjoleine: ‘Niet zo leuk voor mevrouw Carmiggelt, maar ik heb dat boek toch wel met animo gelezen.’
Marja: ‘Genres beginnen steeds meer in elkaar over te vloeien. Van Dis opent niet zijn dagboek ofzo, hij presenteert zijn boek als een roman. En dan zegt hij dat hij de waarheid verzint.’
Marjoleine: ‘Dat mag je doen. Je mag doen wat je wilt, je mag ook smakeloos zijn.’
Marja: ‘Maar een schrijver kan jou ook opvoeren hè, in z’n boek. Dat vind ik moeilijk, lezers denken toch dat het één op één zo is gegaan.’
Over Beladen huis van Christien Brinkgreve is met name De Vos minder voorzichtig:
Marjoleine: ‘De intieme details die ze geeft over haar man, zijn onzekerheden, zijn onmacht en frustratie. Wow, wil je dat nou allemaal echt prijsgeven? Dat is bijna verraad. En tegelijk verbaast het me dat lezers dat boek zo’n eyeopener vonden. Iedereen weet toch allang…’
Marja: ‘…dat het in een huwelijk zo gaat.’
Pruis noemt de door Brinkgreve geschetste relatie ‘pijnlijk’ voor echtgenoot Arend Jan Heerma van Voss, waarop de interviewer opmerkt dat die toch dood is?
Marja: ‘Zijn nagedachtenis, dáár doe je iets mee.’
Marjoleine: ‘Je mag wel de waarheid schrijven, ook over iemand die dood is….’
Marja: ‘…maar hij kan zijn verhaal niet meer vertellen.’
Marjoleine: ‘Je vraagt je af of ze wel de hele waarheid vertelt. Ze problematiseert niet haar eigen rol in dat slechte huwelijk, niet waarom het liep zoals het is gelopen. Het is quasi-openhartig.’
Marja: ‘Je kunt denken: de schrijver is de machtige, die heeft het woord. Maar de schrijver kan ook besluiten zijn mond te houden.’
Lees het gehele interview hier.

Pardon, Renate Rubinstein was zo kies om haar boek over haar affaire met Carmiggelt pas te publiceren na dr dood van Carmiggelt’s echtgenote Tiny. Dit in tegenstelling tot Adriaan van Dis, die publiceerde terwijl Wim T. Schippers nog leefde.
“De schrijver kan ook besluiten zijn mond houden,” is ook de gedachte die ik bij beide boeken heb. Vooral voor Wim T. moet het een nachtmerrie zijn geweest. Of is Van Dis eerst bij hem te rade gegaan?
“Als de schrijver besluit zijn mond te
houden”, gaat hij juist een boek
schrijven.
Ik vind dat Brinkgreve nog heel voorzichtig is, en zich in het boek zeker wel de vraag stelt of zij iets fout heeft gedaan. De uitdrukking “de diepe sporen van het patriarchaat” is dan ook zeer goed gekozen. Heel vaak denken vrouwen die in een onevenwichtige relatie zitten dat het sowieso aan hen ligt.
Je mond houden? Waarom altijd je mond houden? Brinkgreve heeft wel degelijk iets te vertellen.
Brinkgreve en van Dis zijn niet te vergelijken. Het zijn twee totaal verschillende boeken met volgens mij ook een verschillende thematiek. Christien om haar maar even persoonlijk aan te spreken, schrijft een moeizame relatie van zich af, ze lijkt volkomen ontredderd te zijn; zij slaagt erin om een portret van haar overleden man te schrijven dat nog getuigt van een ooit diep gevoelde liefde, waar langzaam geheel de klad in kwam. Het is een diep psychologisch relaas van een liefde die mislukt lijkt. Een uiterst pijnlijk boek, het zal je liefdesleven maar geweest zijn. Het is tussen haar vingers doorgeglipt, ze stond erbij en keek er naar. Zo’n boek schrijven, vraagt om lef, afstand en gevoel en daar is zij op een meesterlijke wijze in geslaagd. Het stemt tot nadenken.
Van Dis afscheid van Ellen Jens, lijkt een persoonlijke triomftocht te zijn geworden. Waarvan het doel mij volkomen onduidelijk is. Hij vergoddelijkt op bijna Griekse wijze een liefde, die hij voornamelijk zelf beleefd heeft, althans die indruk heeft het bij mij achtergelaten. Terwijl hij het stervensproces van Ellen Jens, koerend en zalvend beschrijft, klokt hij nog nasmakkend de goedkope HEMAwijn in plastic bekertjes naar binnen en roept hij sentimentele beelden op van een Noord-Hollands tuinhuisje met uitzicht op herkauwende koeien. Het lijkt wel een goedkoop, slecht geschilderd romantisch schilderijtje van de kringloop. Hij reduceert één van de meest getalenteerde programmamakers van Nederland tot de ANDER. Ik vind het een walgelijk, zoetgevooisd slecht geschreven afscheid.