Enthousiasmeren met flair

Lo van Driel, gepromoveerd op het gebied van de negentiende-eeuwse taalwetenschap en schrijver bij De Wereldbibliotheek van diverse werken over Duitsland en Berlijn, is duidelijk de aangewezen persoon om middels het rijk geïllustreerde en voorbeeldig uitgegeven Fontane Feuilletons Theodor Fontane (1819 – 1898) verder onder de aandacht te brengen. Van Driel is nergens belerend, schrijft opmerkelijk fris, trekt je direct in het universum van de schrijver van onder meer Effi Briest, Dolingen dwalingen en Unterm Birnbaum. Hij blijft ergens zelf heel dicht bij de werkwijze van Fontane, weet de grote geschiedenis subtiel in te bedden. Geen irritante Wikipedia-stukken over bijvoorbeeld de Frans-Duitse oorlog. De lezer wordt serieus genomen. Heel aangenaam.

Een Duitse schrijver uit de negentiende eeuw, ligt daar nog de belangstelling? Dat zou wel zo moeten zijn, want Fontane blijft een grootmeester in het uitbenen van de taal, in het opbouwen van personages middels dialogen, een goede observator die middels vele reizen de decors van zijn boeken danig heeft onderzocht, die vernieuwend schreef over vrouwen, over het losbreken uit conventionele verhoudingen, over klassenverschillen. De verhouding van het individu ten opzichte van de maatschappij. Wat betreft leesbaarheid, helderheid van taal nog steeds actueel. Geen opsmuk, zeg maar een soort Elsschot van Duitsland.

Tegenwoordig schreeuwen marketingmensen om plotgerichte romans, om spanningsbogen die over elkaar heen tuimelen. Het lezen van de tweeëntwintig ‘feuilletons’ over Fontane – helemaal in de sfeer van de schrijver zelf, die veelal inkomsten probeerde te genereren door vervolgstukken in kranten te plaatsen – doet gelijk teruggrijpen naar het werk van de Berlijnse literator. Een mooi alibi voor een treinreisje naar Duitsland om een boek te kopen. Terwijl er redelijk recentelijk nog werk van Fontane in het Nederlands is vertaald: in 2017 Unterm Birnbaum, in 2019 Der Stechlin en in 2022 Effi Briest.

Een greep in de kast met delen Privé-domein levert een selectie van zijn brieven op. Brieven waarin de latere romanschrijver reeds verscholen is. Je leert daaruit veel over het dagelijks leven in Berlijn, in de tijd dat Pruisen nog een koninkrijk was, de bond van staten het Duitse Keizerrijk werd.

In de Duitse boemel bleken de drie medepassagiers in het viertje – een middelbare scholier, een zakenman van veertig, een productiemedewerker van Volkswagen en een huisvrouw op leeftijd – allemaal goed op de hoogte van leven en werk van Fontane. Zou pakweg Nescio hier te lande ook zo breed worden gedragen?

Theodor Fontane is wat betreft het schrijven van romans een laatbloeier. Niet omdat de ambitie er niet al jong was. Zijn vader was apotheker en een enorme gokker. De schuldenlast noopte hem om zijn apotheek te verkopen. Theodor, in de leer als apotheker, sappelde eigenlijk een groot gedeelte van zijn leven, nam baantjes aan om rond te komen. Zo werkte hij bij het regeringsbureau voor persaangelegenheden, werd hij ‘correspondent’ in Londen, nam zonder zijn  vrouw Emilie in te lichten ontslag als redacteur van de Kreuzzeitung.

Zij sputterde tegen maar ondersteunde haar geliebte Alte onvoorwaardelijk, schreef zijn krabbels keer op keer over in het net, waar Fontane evengoed nog correcties in maakte. Elk woord moest tellen.

Van Driel pluist Fontane op aangename wijze uit, maakt beweegredenen helder duidelijk, laat achtergronden zien. Veel lezen leidt tot literatuurbeschouwing. Je speurt als vanzelf mee met Van Driel. Secundaire literatuur bevredigt de nieuwsgierigheid naar het karakter van een literator, is in sommige gevallen interessanter dan het originele werk. Fontane Feuilletons is een aanstekelijke zoektocht. De invloed van Fontane’s Franse voorouders, waaruit het ‘licht-elitaire’ gevoel te verklaren is, de on-Duitse humor, de geestigheid, de Franse esprit. Van Driel onderzoekt onder veel meer de ontvangst van de boeken van Fontane in Nederland, in het begin van de vorige eeuw en ook tijdens de Tweede Wereldoorlog, laat zien hoe de vele reizen naar Engeland, naar Italië die Fontane vaak alleen ondernam, hem wereldser maakten, hoe de verschillende oorlogen die Pruisen voerde de chroniqueur in Fontane wekten.

Fontane, vader van een schare aan dode kinderen, maar ook van waarschijnlijk een paar buitenechtelijke spruiten. Een krantenman, een fervent brieven- en dagboekschrijver, een geestige literator die zijn tijd ver vooruit was, maar dan geenszins verbitterd over was. Het ging hem puur om het schrijven zelf, ontdaan van sentimentaliteit, van lyrische decors. De intermenselijke verhoudingen centraal. Fijne karigheid op frisse wijze gebracht.

Fontane Feuilletons geeft niet alleen een goed beeld van de schrijver en de mens Fontane maar ook van de tijdsgeest en de waarde van dergelijke literatoren heden ten dage.

Guus Bauer

Lo van Driel – Fontane Feuilletons. Met fullcolourillustraties. Uitgeverij Fragment, Leiden.192 blz. € 29,50.
Hier te koop.