Zaterdag 26 september jl. werd in het Overijsselse Baars Oneindige dwaasheid gepresenteerd, Anna van Dams vertaling van Infinite Jest, een roman van bijna 1100 bladzijden van de Amerikaanse auteur David Foster Wallace (1962-2008). Merkwaardig. Is daar in februari 2026 niet al een vertaling van verschenen? Ja, bij Koppernik, van de hand van Robbert-Jan Henkes, onder de titel Eindeloos vertier (voor Tzum door mij besproken op 1 maart jl.).

Anna van Dam legde tijdens de presentatie van haar vertaling uit dat het gaat om een ‘schaduwdruk’, in overleg met, en met steun van Koppernik in een micro-oplage van 100 exemplaren in eigen beheer uitgebracht door ‘Samizdat’, louter voor deze gelegenheid opgericht. Dankzij print-on-demand kunnen die 100 er meer worden, maar Koppernik stelt een publiciteitscampagne niet op prijs, zo heb ik begrepen.

Van Dam heeft zes jaar aan haar vertaling gewerkt, aanvankelijk nog zonder plannen voor een uitgave, maar ‘om tot beter begrip van de tekst van dit fascinerende boek te komen’. Toen Koppernik de vertaalrechten verwierf en zulke plannen er toch kwamen, liepen die stuk op pogingen van de uitgever om Van Dam te laten begeleiden door derden en/of op voorwaarden die zulke derden stelden. Koppernik stapte vervolgens over op Robbert-Jan Henkes, die de klus in een jaar klaarde door zich geheel uit het sociale leven terug te trekken en elke dag al zijn wakende uren in zijn vertaalwerk te steken. Het lijkt er dus op dat Kopperniks steun aan de totstandkoming van Van Dams uitgave een goedmakertje is geweest, maar dat woord gebruikte zij op 26 september niet. Zonder haar initiatief was ook de vertaling van Henkes er niet gekomen.

Leg beide vertalingen naast elkaar en stel vast dat de cover van Eindeloos vertier flets afsteekt bij het prachtige cover-ontwerp van Oneindige dwaasheid.
Verder valt meteen op dat de titels sterk verschillen. Henkes vertaalde samen met Erik Bindervoet eerder (o.a.) Shakespeare’s Hamlet. Wallace’s ‘infinite jest’ is een citaat uit Hamlet. In de vertaling van Hamlet van Henkes/Bindervoet werd dat ‘oneindige humor’. Maar dat ‘vermaak’, ‘vertier’, ‘entertainment’ beter bij de inhoud van de roman passen, dat moet ik Koppernik nageven. Waarom ‘eindeloos’ in plaats van ‘oneindig’ weet ik niet, maar veel lijkt dat niet uit te maken.
Van Dam heeft ‘jester’ als uitgangspunt genomen – ‘nar’ of ‘dwaas’ in het Nederlands – en komt zo uit op oneindige dwaasheid (dat die titel zich laat afkorten tot OD – overdose – leek bovendien passend. Op zichzelf niet gek, maar m.i. te weinig recht doend aan het willen ondergaan van vermaak zonder het brein te hoeven inschakelen, een (zo niet hét) thema van de roman.
Vergelijkend (ver-)taalkundig onderzoek zal nog wel even op zich laten wachten. Van Dam wil er alleen wat algemene opmerkingen over kwijt: ‘Ik heb geprobeerd zo goed mogelijk, met behoud van betekenis, te vertalen wat er staat. Henkes is daarin veel vrijer, hij vertaalt niet per se wat er staat, als hij vindt dat het overbrengen van sfeer en betekenis gediend zijn met daarvan afwijken, doet hij dat maar al te graag.’

Tijdens de presentatie ontving Van Dam een doos buttons, vergelijkbaar met de buttons bij Kopperniks Eindeloos vertier, met dit verschil dat de kopers van Oneindige dwaasheid hem bij lezing al mogen opspelden, want de tekst luidt: ‘Ik lees in Oneindige dwaasheid’. Echte Wallace-diehards zullen over enige tijd herkenbaar zijn aan het dragen van beide.

Hans van der Heijde